zaterdag 18 januari 2014

Ode aan de waxbroek.

Burda, Januari 2014
Ode aan de waxbroek


Er zijn van die kledingstukken die jaren meegaan, met heel veel plezier gedragen worden en elke keer opgelapt worden als er iets stuk gaat. U kent het vast wel, een favoriet kledingstuk waarvan u het niet over het hart zou kunnen krijgen om het weg te gooien. Zo’n kledingstuk had ik nou ook, een donkere spijkerbroek met een flinke wax coating.

Het ding heb ik jarenlang gedragen en elke keer als er iets doorscheurde of kapot ging, dan naaide ik er weer een lapje in of dan zette ik een nieuwe knoop aan. Of een nieuw lapje waar de knoop zat. Of ik lijmde een lapje voor ik het vastnaaide. En dan vooral het beruchte stuk bij de dijbenen, dat ging behoorlijk vaak stuk. Ik heb gezonde Hollandse bovenbenen, dus door de wrijving heb ik daar minsten vijf keer een nieuw stuk stof moeten innaaien.

Uiteindelijk begon het toch een  beetje te door te dringen: dit is geen doen meer. Ik besloot de broek niet meer te dragen. Ook zou ik hem pas weg gooien als ik een andere waxbroek had gevonden. Kennelijk was deze broek heel erg zeldzaam, want tot op de dag van vandaag heb ik nog geen nieuwe favoriete waxbroek kunnen vinden. Maar om nou die broek voor eeuwig in   mijn kast te laten liggen…

Ik ben eens gaan kijken hoe het verder met de broek gesteld was. Vooral de dij-bil-heup regio was beschadigd, maar bijvoorbeeld de broekspijpen zagen er nog prima uit. In een helder moment bedacht ik me dat die broekspijpen wel eens hele mooie mouwen zouden kunnen zijn. Er was genoeg broek over voor een bovenstukje en met een beetje zwart voile eronder zou het vast wel iets moois kunnen worden.

Met een beetje moed heb ik de schaar erin gezet. Alles ging uit de losse pols, zoals ik dat vaker doe met zulk soort projectjes, dus er bestond ook nog eens een reële kans dat ik mijn broek helemaal zou verknippen. Een klein avontuurtje zou ik het kunnen noemen. Het ging overigens prima, en om het geheel toch nog een beetje kleur te geven, heb ik de knoopsgaten met verschillende kleuren blauw gestikt. Volgens mij is dit overigens alleen van heel dicht bij te zien maar het was leuk om ermee te puzzelen.

Extra: aan de mouwen kun je nog zien dat het vroeger een
broek was...
Nu is mijn broek een blouse en nu kan ik hem nog heel lang blijven dragen. Een ode aan die mooie broek.






maandag 9 december 2013

Feestjes en ademnood.

Burda December 2013
Feestjes en ademnood

December komt eraan. Een maand met stress en een maand met rust. De laatste tentamens voor de kerstvakantie (en dus de zwaarste) en eventueel de hertentamens ín de kerstvakantie. Het is natuurlijk ook de tijd van feestjes, met Sinterklaas, Kerst, Oud & Nieuw en voor mij zelfs nog een extra feestje: mijn bacheloruitreiking.
Op het moment dat u dit leest, stond ik een klein weekje geleden te stralen met mijn diploma in mijn hand. Het was het laatste jaar hard werken, maar het resultaat mag er zijn. Net als het jurkje! Hoewel ik daar natuurlijk niet een jaar aangewerkt heb, heb ik wel twee jaar getwijfeld wat ik nu in hemelsnaam met de stof moest (net zoals ik twee jaar getwijfeld of ik wel door wilde gaan met geneeskunde).

Wie mooi wil zijn moet... kou lijden?
De stof komt uit Indonesië en is de allermooiste stof die ik ooit in mijn handen heb gehad. De onderlaag bestaat uit een zijdemix, de bovenlaag is van kant met subtiel glitterdraad. Het kant wordt gebruikt voor kebaya’s, onderdeel van traditionele kleding.  Het is een soort doorschijnende blouse en hoewel ik het wel zou kunnen dragen naar feesten of naar school, heb ik er niet eentje laten maken. Simpelweg omdat het niet in me was opgekomen. Ik had andere grootse plannen met deze stof.
Grootste plannen betekende echter wel dat het ook faliekant mis kon gaan, dus daarom heb ik twee jaar lang getwijfeld over wat nou het perfecte kledingstuk voor deze stof zou zijn. Het ging van lange galajurk naar mantelpak, van strapless jurk naar een lange wijd uitlopende rok. Uiteindelijk werd ik de twijfel zat en inmiddels had ik ook al flink wat extra naai-ervaring opgedaan, dus het werd een nauwsluitend bovenstuk met een ietsje wijde rok. Wat ik er ook van zou maken, met zo’n mooie stof zou het toch wel mooi worden.


Ik had er echter niet aan gedacht dat het patroon wat ik gebruikte van een jaar geleden dateert en dat ik het afgelopen jaar heel veel heb getraind voor mijn circussport, aerial acrobatics. Laat dit nou net een sport zijn waar je flinke schouders voor nodig hebt, dus het jurkje zit zowaar –bijna- te strak! Hopelijk is dit geen voorbode voor mijn geneeskunde: eerst de twijfels, dan het zwoegen en dan in een strak keurslijf…
Gelukkig zie ik er wel mooi uit in de jurk (de doktersjas staat me vast ook goed), maar voor het kerstdiner trek ik toch even wat anders aan.

 

Mét bachelordiploma staat alles beter!

donderdag 5 december 2013

Een vliegende start met budgetmode.

Burda November 2013
Een vliegende start met budgetmode.
Een glimlach voor de kroegbaas!

De meeste voldoening haal ik uit het er voor zo min mogelijk geld toch heel goed uitzien. Mijn financiële prioriteiten liggen eigenlijk niet bij mode en de mogelijkheden voor een studente die weigert (overigens best leuke) H&M kleding te kopen, zijn niet heel erg groot. Ik kan het me niet veroorloven om dure, mooie stoffen te kopen maar het is ook zo zonde om alle uren in een project te stoppen met goedkope stof, wat na drie keer dragen en wassen al uit elkaar valt.
Wat ik dan doe? Ik roei met riemen die gratis zijn. Het is voor mij echt een uitdaging om materialen te vinden die eigenlijk bedoeld zijn voor iets heel anders dan mode en deze dan in iets draagbaars te veranderen.

Mijn leukste (of brutaalste) voorbeeld is dit bolero’tje, met geïmproviseerde leren sluiting. Het is een leuk stofje toch? Donkerblauw, met een lichtbruin ruitje wat mooi past bij het bruine leer, lekker herfstig. De elleboogstukjes op de mouwen zijn vierkant, om het leer en de ruiten wat meer samen te laten vloeien. De elleboogstukken, overigens, waren een zeer wijze les. Nooit meer, ik herhaal, nooit meer, maak ik eerst een mouw en bedenk ik me daarna pas dat ik er eigenlijk elleboogstukken op wil. Uit onzekerheid heb ik eerst de mouw genaaid, zodat ik de patches op het oog erop kon spelden. U weet dit allang natuurlijk, dat gaat nooit passen onder de naaimachine. Een wijze les was dit.

Dat terzijde, heeft iemand het stofje herkend? Bent u wel eens naar Zwitserland gevlogen? U voelt hem al aankomen, dit is geen stof die ik op de markt gekocht heb. Dit diende ooit als een heerlijk dekentje van Swiss Air, wat me warm gehouden heeft tijdens mijn vlucht naar Mumbai. Een vliegtuigdekentje!
Geïmproviseerde sluiting en rechthoekige mouwstukken.
Na een leuk gesprek met de crew en een lieve blik mocht ik het dekentje meenemen, dit is –inderdaad- eigenlijk niet de bedoeling. Voor mij was het echter een soort victorie, een nieuwe uitdaging. Zo’n dekentje is ongeveer één vierkante meter, daar kon ik prima een bolero uit maken.

Ik moet toegeven, de stof is niet heel erg geschikt voor kleding. De vezels zijn vrij grof en kunnen niet zoveel spanning hebben. Maar goed, een leuk jasje, een stofje met een verhaal, financieel behapbaar, de verbaasde blikken als ik antwoord op de vraag waar ik het jasje vandaan heb, missie geslaagd!



zondag 27 oktober 2013

Kleuren in India, deel II.

Burda Oktober 2013
Kleuren in India, deel II

Oriëntaalse verkleedfeestjes zijn de leukste!
Muren met kasten, helemaal vol gepropt met sari’s. Sari’s op de grond, sari’s aan het plafond, sari’s zover het oog reikt. Gestructureerd zoeken is lastig! Ik dook meestal af op kleurencombinaties die me aanspraken, of ik begon simpelweg met de goedkoopste sari’s. Voordat ik een winkel inging, moesten mijn schoenen uit. Dit vond ik eerst heel apart, maar later werd alles duidelijk. De sari’s worden namelijk uit de kast getrokken om bekeken te worden en daarna (bij afwijzing) op een groeiende stapel op de grond gegooid.

Stiekem vond ik het leuk om in die stapels te wroeten, om te kijken of ik mijn heil kan vinden in iets wat andere mensen afgewezen hebben. Meestal kreeg ik daar echter de kans niet voor, omdat iemand me meenam naar boven. Een ruimte boven het winkeltje, waar nog eens drie keer zo veel sari’s lagen. Op de vloer liggen allemaal matrassen, ergens in een hoek zit een groepje jongens met de hand allemaal pailletten op sari’s te naaien en in een andere hoek zit een groepje vrouwen een bruidssari uit te zoeken.

Mijn reisgenoten en ik kregen ons eigen ‘hulpje’ die allemaal sari’s ophaalde. Willekeurig, zonder dat we eerst aangegeven hadden waar we op zoek naar waren (we waren niet eens specifiek op zoek naar iets). Ik had het hart niet om te zeggen dat ik eigenlijk gewoon beneden wilde rondkijken. Daar  tegenover stond wel dat we echt hele mooie sari’s te zien kregen. Onze ‘hulp’ pakte een groene sari voor me, eentje met rode, oranje en gele strepen. Geen haar op mijn hoofd die het overweegt om zoiets aan te schaffen, maar hij stelde voor om hem bij me om te doen. Ergens vermoed ik dat hij het leuker vond om die sari om te doen dan om hem te verkopen!


Extra: de choli is zó genaaid dat ik slechts een paar naden
hoef los te tornen, mocht ik een maatje meer groeien. Slim!
 Ik werd op een stoofje geplaatst, voor een hele grote spiegel,  en de sari werd zorgvuldig omgedaan, gevouwen en geplooid. Ik heb er bewust geen foto van, want het moment dat ik in de spiegel keek met die mooie sari om, staat echt in mijn geheugen gegrift. Wauw, wat was dat mooi zeg! Dit was een sari waarmee je kunt lunchen met hele belangrijke mensen. Het prijskaartje was dan ook minder leuk maar dat was te verwachten. Uiteindelijk heb ik er een zijden sari gekocht, een mooie turqoise, als cadeautje voor mijn moeder.

Wat ik nog aparter vond dan schoenen die uit moesten of sari’s die willekeurig werden geshowed, was de manier waarop men omgaat met afdingen. Het mag namelijk nergens (er hangen zelfs overal bordjes), maar ongegeneerd om korting vragen mag dan weer wel. Hoewel ik er dankbaar gebruik van heb gemaakt, is het feitelijke verschil me nog steeds onduidelijk!


De pallu. Of in ieder geval, een deel daarvan.

woensdag 9 oktober 2013

Kleuren in India, deel I.

Burda September 2013
Kleuren in India, deel I

Een jaar geleden zat ik in India en hoewel mijn reis kort was, heb ik toch flink wat kunnen zien. Ik neem u mee (in twee delen) in de wereld van sari’s.

Bijna alle vrouwen in India dragen sari’s. Een enkeling loopt in Westerse kleding, maar het gros loopt in de vrolijkste kleuren rond. Bij aankoop is een sari 6m lang, met één meter voor het topje (choli). De een-na-laatste meter is de ‘tip’ (pallu), het einde van de sari. Dit deel wordt om de schouders of om het hoofd geslagen en heeft meestal wat extra versieringen. De stof van het topje komt vreemd genoeg weinig overeen met de sari. De kleuren niet, de patronen niet, de stijl niet… Heel vreemd vond ik dit. Aan de andere kant, het zijn ook slechts Westerse kaders waarin ik dit kan beoordelen. Waarschijnlijk denkt de Indiase bevolking hier heel anders over!

Ideaal speelgoed in de wind
Als stoffenfanaat kon ik het natuurlijk niet  laten zelf ook een sari te kopen, en in totaal heb ik er 6 meegenomen. Van eentje heb ik ook het topje laten maken, wat ongeveer even duur was als de sari zelf (ik zal wel niet goed hebben afgedongen). Een andere sari heeft u al voorbij zien komen in juli, als lamp en als rokdeel van het jurkje. De derde ging naar mijn moeder.

Van de drie overige sari’s heb ik er eentje doorverkocht. Een prachtige zwarte sari met gouden druppels waar ik aanvankelijk een harembroek van wilde maken, maar eenmaal terug in Nederland, de stof uit z’n context, kon ik er niets mee. Over de laatste twee sari’s heb ik mijn twijfels: kleding van maken, of als sari houden? Ik draag natuurlijk geen sari’s en het is leuke stof om iets van te maken, maar andere kant is het wel een groot deel van mijn herinnering aan India en ik houd heel erg van verkleden. Dilemma.

Integratie op z'n best

Er is gelukkig ook iets wat wél in de Westerse context past, namelijk het topje. Samen met een hoge rok gaat die prima door voor crop top, die we afgelopen maanden zoveel voorbij hebben zien komen. Dat is nog eens integratie!

Als ik terugkijk op de kleuren in India dan moet ik wederom de les trekken dat sommige dingen niet uit hun context gehaald kunnen worden, andere dingen juist weer wel en hoe beperkend mijn Westerse ‘kaders’ zijn als ik een andere cultuur tegemoet treed. Echter, context of geen context, voor een kleurenliefhebber is het een paradijs!


dinsdag 1 oktober 2013

Romantiek in de lucht.

Burda Augustus 2013
Romantiek in de lucht.


Na bijna acht jaar trouwe dienst werd het tijd voor een ander. Een andere lamp welteverstaan. Vanaf jongs af aan ben ik altijd al verzot geweest op kroonluchters en van zo ongeveer het eerste loonstrookje wat ik kreeg, kocht ik, jawel, een kroonluchter. Hij troonde in mijn kamertje, hij verhuisde mee naar Leiden en sierde daar mijn studentenkamer de resterende jaren. Maar helaas, ook een lamp komt aan zijn eind! Na veel gedoe met kapotte fittingen en nieuwe lampjes kopen, besloot ik er een punt achter te zetten en een nieuwe lamp te nemen.


Een beetje doorsnee student zou de Gamma, Praxis of een andere woonwinkel bezoeken maar ik zou geen Anne zijn, als ik er geen andere, goedkopere en vooral creatievere oplossing voor had.
Ik had een beetje bedacht hoe ik de lamp eruit wilde laten zien en wat ik daarvoor nodig zou hebben, daarna was het tijd voor de jacht. Ik vond een rode lampenkap tweedehands, zo eentje met een bovenring en een iets wijdere onderring. Op zich zag hij er prima uit maar alsnog veel te standaard voor mij. De rode ‘wikkel’ heb ik eraf gehaald, waardoor ik de twee ringen overhield.
Ik wilde een lamp die me deed danken aan de Romantiek, dit resulteerde in een gerimpelde witte crèpe georgette als buitenkant, met zwart kant aan de binnenkant. De lamp werd liefkozend ‘lingerielamp’ gedoopt.

Een waar academisch student had natuurlijk de omtrek van de ringen en de rimpeltjes netjes uitgerekend, ik heb het lekker provisorisch opgelost met mijn meetlint. Het voordeel van de ringen was dat ze onder het voetje door konden zodat ik de stoffen meteen op hun plaats kon naaien. Er waren wat mineure frustraties (spoeltje was leeg tijdens het rijgen voor het rimpelen – niet handig) en pragmatische oplossingen (ladenkast fungeerde prima als ringhouder), verder verliep alles voorspoedig en zo uit de losse pols ontstond de lamp.

Hij zag er vooralsnog een beetje te tuttig uit voor een romantische lamp, dus het zwarte satijnlint moest Chanel-sferen creëren. Dit was niet eens mijn idee! Natuurlijk had ik graag dé briljante ingeving gehad voor de finishing touch, maar de punten gaan (helaas?) naar vriendlief.

Er zit als verrassing een aantal pikante details in verwerkt, want als je dan toch je eigen lamp maakt, dan kun je er beter wat leuks van maken. Wat deze details precies zijn, dat houd ik mooi voor mezelf!







zaterdag 14 september 2013

Ondergedompeld.

Burda Juli 2013
Ondergedompeld

Drie vrienden en ik verbleven in het noorden van Ghana, om ons onder te dompelen in de cultuur van het ‘echte’ Ghana. De autorit van het vliegveldje naar het hostel was al een hele ervaring: de jeep had geen snelheidswijzer (we reden ‘ongeveer 80 km/h’), na tien minuten werden we aangehouden door de politie (die dacht dat we foto’s van hen maakten) en uiteindelijk waren onze haren en huid helemaal stroef van het fijnzand.
Tussen het stof en de dorre aarde kwamen de kleuren tevoorschijn. De mannen droegen een lang, wijd shirt met een broek en de vrouwen droegen een tweedelig pak van een topje met een klokkende lange rok.
Onze spiksplinternieuwe kleding!
Zij in een lange jurk, ik in pak.

Als echte toerist kon ik het niet laten om ook zo’n pak voor me laten maken.

Bij het uitzoeken van de stof merkte ik dat ik toch wel kieskeurig werd. Wat op het eerste gezicht een vrolijke mix aan kleuren en prints was, werd toch minder aantrekkelijk als ik het loshaalde uit de context. Ik wilde iets wat ik eventueel ook nog in Nederland kon dragen.
Bij een vrouw die appels verkocht (werkelijk iedereen had wel ergens stof te koop), vond ik deze mooie kleurencombinatie. Donkerblauw, rood, crème en een beetje geel, het sprak me wel aan. Via via kwam ik bij een naaister terecht waar ik een pak kon uitkiezen. Een krap huisje met een aantal naaimachines, nog meer vrouwen en hun kroost die over de grond krioelde, al met al zag het er best gezellig uit. Hoewel, ik moet er niet aan denken om in zulke omstandigheden te moeten naaien!

Ik werd van top tot teen opgemeten en een paar dagen daarna kon ik mijn Ghanese pak ophalen. Inclusief de stof en de voering was het tezamen, na wat afdingen, 45 Cedi (= €22,50).
Grote pofmouwen en een vierkante neklijn,
op z'n Nederlands gedragen.
De stof is niet kleurvast, na één keer wassen veranderde het crème in lichtblauw. Maar ach, ik heb een verhaal bij mijn pak. En dat kan geen wasmachine wegwassen!
Later kreeg ik pas te horen dat zo’n pak een echt luxeproduct is voor de lokale bevolking. De meeste vrouwen hebben er maar twee: één voor in het dagelijks leven en één voor naar de kerk…

De medewerkers van het hostel waren helemaal enthousiast toen ze ons in de pakken zagen, we hebben die avond thizet gegeten, een soort stevige pap. We aten het op z’n Ghanees: met je handen tot de knokkels ondergedompeld in de pap, wat groente erbij en het geheel met de duim naar binnen schuiven. Eet smakelijk!